Hij klom langzaam naar mijn voeten

Hij klom langzaam naar mijn voeten en klopte aan. Ik riep nog “ben er niet”, maar hij was al binnen. Hij ging zitten en keek me aan. “Doe maar zwart met suiker, of anders wat bitter, wat je net hebt liggen.” Ik liep naar de keuken en keek uit het raam. Soms zie je een wolk die iets anders is dan jij. Nu was het grijs en bovendien nacht. Ik zag mijn spiegelbeeld in het raam. Ik keek nog even, maar er was niets anders. Ik zie mezelf altijd als spiegelbeeld, ik heb geen idee hoe ik er echt uit zie.
“Schiet nou maar op!”, hoorde ik hem roepen.

Hij slurpte van zijn koffie. Ik bood hem een kilo kaas aan, maar dat sloeg hij af. Langzaam ging ik tegenover hem zitten. Van achter zijn koffie nam hij me goed in zich op. Ik keek naar zijn vingers, die losjes de beker met koffie omsloten. Hij had lange vingers. “Zal ik een kaars aandoen?” opperde ik. “Doe geen moeite”, hij meende het.

Ik stond op. Zijn pupillen schuifelden met me mee naar de boekenkast. Het grote staren was begonnen. Ik pakte een boek in de hoop dat daar een houding in verborgen zat. Maar het bladeren werd geen rustig ritselen. Het was een bommetje in een golfslagbad aan letters. Mensen zeggen altijd: “Ik voelde zijn ogen in mijn rug.” Dat is onzin. Wat je echt voelt is schuld, schaamte en onzekerheid. Je leent andermans ogen om op jezelf neer te kijken.

Ik weet niet hoe lang ik zo stond. Het maakt ook niet uit; wie telt er mee tijdens een eeuwigheid? Ik dwong mezelf om te lezen. Mechanisch maakte ik de woorden, stapelde ze op tot zinnen. Het bleef tekst, het werden geen beelden. Ik zocht de hoek van een bladzijde om er greep op te krijgen. Tussen mijn vingers verpulverde het tot stof, dat snel onder mijn bed en achter de koelkast kroop.

“Lees achterstevoren.” Was hij dat? Als je nog nooit iets achterstevoren hebt gelezen, zou je dat nu direct moeten doen. Niet als trucje, zoals sommigen hele liedjes achterstevoren kunnen zingen. Nee, je moet de oorspronkelijke woorden los laten, met nieuwe klanken bezwerende woorden maken. Mijn longen zakten tot dicht bij mijn lurven. Diepe klanken vulden de kamer, totdat ik dreef op een dikke laag zekerheden.

Even overzag ik alles. Ik vergat er een foto van te maken of op zijn minst wat steekwoorden op een bierviltje te zetten. De koolmees waarschuwde me nog door hard op het raam te pikken. Ik wou het niet horen, ik wou meer. Mijn euforie verbrandde in de ochtendzon.

Hij had er niet op gewacht, was zachtjes naar de hal geslopen en daar mijn nette schoenen in gekropen. Daar wachtte hij geduldig tot ik mij verslagen de dag in moest storten om dan zijn gewicht in mijn strijd te gooien.

    Ik werk als creatieve professional. Ik ben tekstschrijver en ik maak video’s. Daarnaast ontwikkel ik concepten voor campagnes of evenementen. Ook begeleid ik rollenspellen en brainstormsessies. Benieuwd of we samen kunnen werken? Laten we een kop koffie gaan drinken (met taart!) en dan komen we er vast wel achter.

    Tagged as:

    Categorized in: Blog