Nuance. Ja of nee?

We vragen het de mensen op straat: nuance, ja of nee?

Marianne van Zomeren (34)
Er bestaat geen nuance meer. Iedereen heeft direct een mening klaar. Niemand is bereid om het grijze midden te onderzoeken. Niemand luistert nog naar een ander. En het is natuurlijk allemaal de schuld van het internet. Alles moet snel en het liefste anoniem. Polariseren in een paar korte zinnen. Daarna snel een regel wit, anders haken de mensen af.

Erik Hazelaar (46)
Nuances zijn levensgevaarlijk. Weet je wie ook wel eens genuanceerd was? Hitler! Mensen met nuances zijn net Nazi’s. Ze pakken je op en drukken je tegen de muur als je een mening hebt. “JE MOET EERST LUISTEREN NAAR DE ANDERE KANT VAN HET VERHAAL!” Dat is wat de nuance Gestapo wil; je plat gooien met nieuwe inzichten en dilemma’s, zodat je nooit een kant durft te kiezen. Grijze muizen willen ze, die ze makkelijk heen en weer kunnen duwen tussen “ik begrijp dat het zo kan overkomen, maar ik snap ook dat het voor een ander zus voelt”.
Vox Pop
Kees Bryull (73)
Ik weet niet of je mij iets over nuances moet vragen. Ik heb daar eigenlijk geen uitgesproken mening over.

Hester Bergeik (28)
Tuurlijk zijn er nog wel politici die genuanceerd durven zijn. Ja laatst nog over het asielbeleid. Die ene gast, hoe heet ie ook alweer? Ja maakt niet uit, die zei in elk geval iets heel moois, sterk genuanceerd, zo van.. Ehm.. ik weet het niet meer precies, maar dat raakte me enorm. Het was in elk geval veel beter dan Geert Wilders met zijn “Voorzitter, Het is een ongemakkelijke waarheid, maar het moet gezegd worden. We hebben het vandaag over een invasie. Een islamitische invasie van Europa, van Nederland. Massa’s jonge mannen van rond de twintig met baarden trekken allah akbhar zingend door Europa. Het is een invasie die onze welvaart, onze veiligheid, onze cultuur en identiteit bedreigt. Daar sta je dan, in Rosmalen, met een zak vol ingezamelde knuffels en speelgoed, 500 volwassen mannen te verwelkomen. Het lijkt een tragische komedie, maar het is de bittere werkelijkheid.”

Hugo Verstroeten (31)
Ik vond 50 tinten grijs een aardig boek.

Elmira Fantaschen (56)
Mijn ouders waren sterk genuanceerd. Ik heb dat van ze overgenomen. Maar nu na drie jaar psychiatrische hulpverlening weet ik dat ik mezelf niets kwalijk hoef te nemen, het is allemaal hun schuld.

Jazhine24_Subscribe2Me@UToop (16)
Is dit voor TV? Nee? Ja hallo, dan ga ik toch zeker geen persoonlijke dingen met je delen!

Thee-ei

thee-eiIk heb eigenlijk nu een thee-ei nodig. Misschien kun jij mij die voor mijn verjaardag geven.

Maar je bent nog lang niet jarig.

Nee, maar ik vier het toch niet dit jaar, dus dan hoef je toch geen cadeau te geven.

Wat moet jij eigenlijk met een thee-ei?

Losse thee, ik heb losse thee gekregen.

Voor je verjaardag?

Nee, van mijn moeder. Ze was in een klooster. Die monniken gingen zelf blaadjes plukken in de kruidentuin. En dan maakten ze daar mooie melanges van en dan schreven ze daar iets op als “Gute Laune” of “Schönes Wochenende”. Mijn moeder kwam terug met frisse moed en een pakje thee.

Welke?

Gute Laune

Is het lekker?

Ik weet het niet, ik heb geen thee-ei.

Hallo ik was Felix

Normaal als ik me voorstel, gaat dat als volgt;
– Ik zeg: “Hallo ik ben Felix”
– De ander zegt: “Hallo ik ben ….”
– 15 seconden later realiseer ik me dat ik vooral bezig was met het zeggen van mijn eigen naam. Ik heb dan geen idee wat de naam van die ander is.

Dat laatste punt ben ik niet trots op. Mijn naam ken ik vrij goed. Ik kan die best opdreunen zonder er al te veel aandacht aan te besteden. Toch gaat het elke keer weer mis!

Bij het kinderdagverblijf zag ik deze week een leidster die ik nog niet eerder had ontmoet.

Ik begon dan ook nietsvermoedend aan het voorstelritueel, maar bij “hallo ik ben Felix” kreeg ik alleen een glazige blik terug. Een andere leidster zag de verwarring en sprong direct bij: “de papa van Pelle”. Daarna verliep alles weer op rolletjes, ik kreeg een naam retour. Helaas heb ik die niet vastgelegd, maar deze keer was ik dan ook echt afgeleid.

Is mijn naam ineens niet meer relevant? Heb ik nu een soort nieuwe functietitel die mijn voornaam overschrijft?
Barbapapa
Ik vroeg me af of dit nu steeds vaker gaat gebeuren. Toen ik het aankaartte bij mijn basketbalteam, begon één van mijn medespelers te snikken: “Ik heb mijn eigen voornaam al vier jaar niet meer gehoord”. Ik wou hem graag troosten en heel luid zijn naam scanderen, maar we spelen nu al meer dan tien jaar samen en dan vind ik het een beetje lullig om nu nog te zeggen “hee, hoe heet je eigenlijk?”

Het kan nog erger. Een vriend van me kwam terug van het consultatiebureau zonder haar. Uit ergernis had hij zijn mooie krullen inclusief hele lappen hoofdhuid eraf gescheurd. De vrouw van het bureau zag hem niet eens meer als papa van X. Het was enkel nog “Papa mag nu wel weer de luier aan doen. Papa kan misschien even een boterham pakken. Komt papa straks nog even een afspraak voor de volgende keer maken?”

Gereduceerd tot een amorf en abstract wezen. Dan ben ik nog liever Barbapapa, die heeft tenminste kleur en een veelvoud aan vormen.

Je geeft je kind met veel zorg een naam, maar je realiseert je dan nog niet dat je tegelijkertijd je eigen naam weggeeft.

Merkstift graffiti bij de Rode Brug in Utrecht

Cobus de profiteur

Het is haastig neergekrabbeld. Er is een halfslachtige poging gedaan om het te centreren. En dan snel een punt erachter. Oh nee, wacht, een uitroepteken, dat is beter. De stift heeft geen ronde punt, maar een streepje. Je had de letters kunnen kalligraferen, maar dat is Cobus niet waard.

De witte muur steekt een beetje uit. Als je dromend over de stoep schuifelt, knal je er met je hoofd tegenaan. Is dat hoe Cobus de boodschap heeft ontdekt?

Het is ochtend, het miezert een beetje. Cobus maakt zijn vaste rondje met Shayna, de astmatische boxer. Helemaal licht is het nog niet en het is koud. Shayna is weer niet vooruit te branden. Ze snuffelt aan een boompje, hangt onhandig en wankel naar achteren om haar drol te lanceren.

Cobus wacht geduldig. Er valt iets, Shayna ruikt nog even aan haar creatie. Ze is tevreden. Er komt weer wat beweging in het trage stuk vlees. Cobus draait zich om richting de Rode Brug. Is dit regen of meer een vochtige wolk die aan de stad plakt? Als Shayna nat wordt, zal hij haar straks moeten afdrogen. Zijn vrouw kan niet tegen de geur van natte hond.
Continue reading

post its

Vriendendienstensector

Heb jij nog iets aan deze spreadsheet?

Wat is het precies?

Het is een Excel bestand met hele bijzondere formules. Hij maakt gebruik van functies, waarvan bijna niemand het bestaan kent. Kijk, als je hier een getal invult, dan geven al die vakjes een waarde. Het werkt altijd. Behalve als je 0.27 invult, dan komt er bij C2 hekje value uitroepteken uit.

Hmm. Ik denk dat ik er wel wat mee kan. Wat wil je er voor terug?

Daar kan ik heel kort over zijn: een muur vol met gekleurde post-its. Beschreven met een middel-dikke zwarte stift. De post-its zijn zo gerangschikt dat het lijkt alsof ze met elkaar te maken hebben. Wellicht passen ze ook binnen één categorie of duiden ze een oplossingsrichting aan. Ergens hangt een grafiek, het liefste met een stijgende lijn. Als dat niet kan; een puntenwolk met een regressielijn die een correlatie doet vermoeden.
Continue reading

FOFS in Utrecht

FOFS

Nederland zit vol met fofs. Ik zie ze overal. Achter het paaltje verderop in de straat zit altijd een kleine witte fofs. Op het bouwterrein aan de andere kant van de brug sluipt een hele grote rood-met-zwarte. Hij gluurt naar me tussen het hoog opgeschoten onkruid door.
Vanuit de trein zie ik ook om de haverklap fofs wegspringen. Ze houden enorm van transformatorhuisjes en afbrokkelende muurtjes. Of ze zitten op geluidswallen je stilletjes na te staren. Ze trekken niet direct je aandacht. Vaak hebben ze vale kleuren en ze zijn een beetje slonzig. Maar ze zijn met zo velen, je kunt er niet omheen.
Continue reading

Missing cat

Missing Cat

– Hello

I am sorry for your loss.

– Sorry?

Your cat. I saw your poster. I share your pain.

– Oh. My poster.

Yes. I share your pain.

– Your cat went missing too?

No, I don’t have a cat. But I saw your poster and I can relate to what you are going through.

– Ehm.. thanks I guess. But someone found my cat, I got it back.

Still, it must have been rough. If you need to talk about it. I am a good listener.

– Not really, I am fine. The cat is doing fine.

Are you sure?

– Yes yes. Everything is fine.

Must be nice having a cat.

– Well, sure. She is a great cat.

Yes. I did like the picture on your poster. She seems very gentle. And understanding, her eyes, they seem to understand you.

– Uhm.. okay.

Would you mind if I stop by and meet your cat?

– I don’t think…

No fuss, I just come over for tea. I can bake raspberry pie. Your cat can sit on my lap. You can talk. I’ll listen.

– No, sorry, I don’t think…

I am a good listener.

– Sorry, I am going to hang up now.

I understand.

Bullshit Detector

Babyspullen

Het verbaast mij dat in Nederland het sterftecijfer onder zuigelingen zo laag ligt. Ik zou verwachten dat hier 1 op de 10 baby’s omkomt in de spullen.

Wij krijgen een baby en sinds dit bij anderen bekend is, worden wij overladen met spullen. Eerst vatte ik dit nog op als blijdschap voor ons. Maar de gretigheid waarmee vrienden volgeladen auto’s bij ons leeg kieperen, maakt me toch wat achterdochtig. Nu ik zie hoe ons huis dichtslibt, begrijp ik de gulle gevers.

Hoe kan het dat een organisme van ongeveer vier kilogram alleen kan overleven met 18 keer zijn lichaamsgewicht aan randvoorwaarden, opgebouwd uit katoen, plastic, hout en radioactieve speelgoedterror?
Continue reading

Planet X-107: Find your better self here!

Planet X-107
It’s just me and Karl now.

I guess it serves me right for being so gullible. I’m just a sucker for planets with the label “New Eden”. The ad showed some random galaxy, a daring font screamed “find your better self here”, followed by a huge red arrow.

“Clean atmosphere.” No clue how clean it is, but it smells as if I’m locked up in a sleeping bag with someone else’s fart. Taking a gulp of air is a safety hazard. Constant sand storms ensure that opening your mouth will fill it with stinging silicon choke powder in milliseconds.
“Abundance of food sources; huge vegetables ripe for the picking!” The huge cucumber we found yesterday picked up Igor and ate him. I didn’t stick around to find out how it tastes in a tzatziki.

Wilson our mission leader bolted for our escape pod. I’m no pod-expert, but I am quite sure they are not supposed to blow up like that. The explosion fried most of our emergency supplies.

It’s just me and Karl now. On the one hand Karl puts his faith in divine intervention. At the same time he keeps checking his iPhone, mumbling “as soon as I get my 3G up Google Maps will find us the nearest Wendy’s in no time.”

I should be terrified, but somehow all I can think of is whether or not my dental plan covers the extra fangs growing from my elbows.

Hij klom langzaam naar mijn voeten

Hij klom langzaam naar mijn voeten en klopte aan. Ik riep nog “ben er niet”, maar hij was al binnen. Hij ging zitten en keek me aan. “Doe maar zwart met suiker, of anders wat bitter, wat je net hebt liggen.” Ik liep naar de keuken en keek uit het raam. Soms zie je een wolk die iets anders is dan jij. Nu was het grijs en bovendien nacht. Ik zag mijn spiegelbeeld in het raam. Ik keek nog even, maar er was niets anders. Ik zie mezelf altijd als spiegelbeeld, ik heb geen idee hoe ik er echt uit zie.
“Schiet nou maar op!”, hoorde ik hem roepen.
Continue reading